Melding 2 Late zwangerschapsafbreking categorie 2

Diagnose en prognose

Beeldvormend onderzoek toonde verdenking van een aanlegstoornis van de hersenen, waarbij een deel van de hersenen, de hersenbalk, ontbreekt. Daaropvolgend genetisch onderzoek wees uit dat er bij het kind sprake was van erfelijk aangeboren aanlegstoornis van de hersenen, geassocieerd met een aandoening van de hersenschors.

De prognose was somber. Naar verwachting zou het kind ernstige cognitieve en motorische beperkingen hebben. Vanwege de vroege, ernstige afwijkingen is het aannemelijk dat het kind een ernstige epilepsie zou ontwikkelen en een visuele beperking zal hebben. Het kind zou niet zelfredzaam zijn en volledig afhankelijk blijven van (medische) zorg.

Er waren geen behandelmogelijkheden om de prognose te verbeteren; behandeling zou uitsluitend symptomatisch van aard zijn.


Lijden bij kind en vrouw

Het lijden dat bij het kind was voorzien bestond uit blijvende ernstige beperkingen. Communicatie zou gelet op de visuele en verbale beperkingen zeer beperkt zijn. Hoogfrequente ziekenhuisbezoeken waren te verwachten. Het te verwachten lijden van het kind bestond uit de volledige levenslange afhankelijkheid van zorg en ziekenhuisbezoeken.

De vrouw en de vader van het kind leden onder de geschetste prognose en werden gedurende het gehele traject begeleid door medische maatschappelijk werk.


Bespreking binnen eigen behandelteam en second opinion

De beslissing tot zwangerschapsafbreking is genomen na een multidisciplinair teamoverleg in het eigen ziekenhuis. Ook is er een second opinion gevraagd in een ziekenhuis buiten de eigen regio.

Onder de aanwezigen van de MDO’s in de ziekenhuizen was consensus over de diagnose en prognose en het honoreren van het verzoek tot late zwangerschapsafbreking.


Uitvoering

Bij een zwangerschapsduur van 33+3 weken heeft de arts foeticide verricht. De uitvoerend arts heeft de afbreking van de zwangerschap uitgevoerd door atracurium in te spuiten in het been van het kind en daarna kaliumchloride in het hart te spuiten, waarop de foetus overleed. Twee dagen na de uitvoering werd de bevalling opgewekt met behulp van Misoprostol. Een dag later vond de bevalling plaats en kwam het kind levenloos ter wereld.

Overwegingen van de commissie

Categorie 2

De commissie overweegt dat de gestelde diagnose en prognose van zodanige aard is dat een medische behandeling na de geboorte zinloos wordt geacht. Er bestaat geen redelijke twijfel over de diagnose en de daarop gebaseerde prognose. Deze diagnose werd op basis van serologisch, beeldvormend en genetisch onderzoek (echo, foetale MRI, WES, rapid exome, SNV en CNV analyse) gesteld
 

Actueel of te voorzien uitzichtloos lijden bij ongeborene

Op grond van de hierboven onder prognose genoemde problematiek is de commissie van oordeel dat de arts tot de overtuiging kon komen dat bij de ongeborene sprake was van te voorzien uitzichtloos lijden. Er waren geen behandelingsmogelijkheden om de prognose te kunnen verbeteren.
 

Volledige informatieverstrekking m.b.t. diagnose/prognose en geen redelijke andere oplossing

De commissie constateert dat de vrouw en haar ex-partner volledig op de hoogte zijn gebracht en uitgebreid zijn voorgelicht, ook over het alternatief van het uitdragen van de zwangerschap. Dit blijkt uit de verslaglegging van de arts. De arts is met de vrouw en haar ex-partner tot de conclusie gekomen dat er geen andere redelijke oplossing was.


Uitdrukkelijk verzoek moeder om beëindiging van de zwangerschap

De commissie maakt uit de verslaglegging op dat de vrouw en haar ex-partner hebben verzocht om beëindiging van de zwangerschap. Uit de verslaglegging blijkt dat het verzoek vrijwillig en consistent was en het besluit tot afbreking van de zwangerschap weloverwogen is genomen.


Raadpleging ten minste één onafhankelijke arts

De commissie overweegt dat het verzoek tot afbreking van de zwangerschap is besproken in een multidisciplinair overlegteam in het eigen medisch centrum en eenmaal buiten de eigen regio in het kader van een second opinion. Dit is schriftelijk vastgelegd. Er bestond consensus over de diagnose en prognose en het honoreren van het verzoek tot late zwangerschapsafbreking.     


Medisch zorgvuldige uitvoering

De commissie overweegt dat de uitvoering van de late zwangerschapsafbreking medisch zorgvuldig is geweest.

Oordeel

De commissie is van oordeel dat de arts heeft gehandeld overeenkomstig de geldende zorgvuldigheidseisen.